Zoek op

ontkleden

ontkleden werkw. refl 'zich ~': zijn kleding afdoen    Voorbeeld: `Jullie kunnen je ontkleden in die paskamer. `(minder gebruikelijk):'iemand ~': iemands kleding afdoen    Voorbeeld: `De peuter werd door zijn moeder ontkleed. ` Bron: WikiWoordenboek. SpellingCorrect gespeld...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/ontkleden

ONTKLEDEN

1) Kleding uittrekken 2) Ontdoen van kleding 3) Strippen 4) Uitdoen 5) Uitkleden 6) Uittrekken
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/ONTKLEDEN/1

ontkleden

• [refl] "zich ~": zijn kleding afdoen • [ov] (minder gebruikelijk):"iemand ~": iemands kleding afdoen
Gevonden op http://nl.wiktionary.org/wiki/ontkleden
Geen exacte overeenkomst gevonden.