Zoek op

roddelen

roddelen werkw.Uitspraak:   [ˈrɔdələ(n)] Verbuigingen:   roddelde (verl.tijd enkelv.) Verbuigingen:   heeft geroddeld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen praten over privézaken van afwezige anderen, vooral op een vervelende manier Voorbeeld:  ...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/roddelen

RODDELEN

1) Achterklappen 2) Afgeven 3) Babbelen 4) Beklappen 5) Belasteren 6) Commeren 7) Klappeien 8) Klappen 9) Kleppen 10) Kletsen 11) Konkelen 12) Konkelfoezen 13) Kwaadspreken 14) Kwetelen 15) Lasteren 16) Lasterpraat uiten 17) Lasterpraatjes verspreiden 18) Over anderen praten 19) Praten over anderen 20) Rondbrieven 21) Wauwelen
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/RODDELEN/1

Roddelen

(Uit `De sociologische structuur onzer taal - De Jodentaal.`, 1914) (Jdd.) in de volkstaal der Nederlandsche Joden: kwaadspreken, babbelen, iemand over den hekel halen
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/ginn001hand02_01/ginn001hand02_01_0003.php

roddelen

kwaadspreken (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/roddelen

roddelen

het rondvertellen van ongunstige verhalen over iemand, waar je geen bewijs voor hebt vb: er wordt in de koffiepauze veel geroddeld over de baas
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=roddelen
Geen exacte overeenkomst gevonden.