Zoek op

Roeach

(Uit `De sociologische structuur onzer taal - De Jodentaal.`, 1914) (Hebr.): letterl. adem, wind, lucht, geest, ziel, levensgeest enz. In de volkstaal duidt het aan: een beweeglijk persoon, een onrustige geest. Ook beweging: onrust. Hij is een echte Roeach: hij is iemand, die nergens rust heeft. Zelfs een Nederl. Israël, w.w. is daarvan gev...
Gevonden op https://www.encyclo.nl/lokaal/10740
Geen exacte overeenkomst gevonden.