Zie ook:
sluis

sluizen werkw. Uitspraak: [ 'slœyzə(n) ] Afbreekpatroon: slui·zen Vervoegingen: sluisde (verl.tijd enkelv.) Vervoegingen: heeft gesluisd (volt.deelw.) 1) (van schepen) door een schutsluis laten varen en daardoor tot een hoger of een lager peil brengen Voorbeeld: 'het duurt een tijdje om een schip te sluizen' Synoniem: schutten
Gevonden op
https://woorden.org/woord/sluizen

1) Overhevelen 2) Doorspelen 3) Schutten 4) plaats in België 5) Plaats in de Benelux 6) Plaats in vlaanderen 7) Plaats in Waals-Brabant 8) Doorsluizen
Gevonden op
https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Sluizen/1

verouderde term die in sommige gevallen voor schutten en in andere gevallen voor spuien gebruikt werd.
Gevonden op
https://www.binnenvaarttaal.nl/zoek.php?woord=sluizen

Kunstmatige doorgangen voor water, uitgerust met een afsluitklep of deur voor het tegenhouden en reguleren van de stroom.
Categorie: Bouwwerken > kunstmatige waterkanalen.
Gevonden op
https://encyclo.nl/lokaal/10491
Geen exacte overeenkomst gevonden.