de toneelkijker zelfst.naamw. (m.) Uitspraak: [ toˈnelkɛikər ] Afbreekpatroon: to·neel·kij·ker Verbuigingen: toneelkijkers (meerv.) kleine verrekijker om beter naar een toneelstuk te kunnen kijken Voorbeeld: 'je toneelkijker meenemen als je een plaats ver van het toneel hebt' Synoniem: binocle Gevonden op https://woorden.org/woord/toneelkijker