Kopie van `Uw Hypotheekbemiddelaar`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Uw Hypotheekbemiddelaar
Categorie: Economie en financiën > Huis en hypotheek
Datum & Land: 10/03/2007, NL
Woorden: 163


Oplevering
Moment waarop de (ver)bouw van een woning is voltooid en wordt vrijgegeven aan de (nieuwe) bewoner.

Opstalverzekering
Verzekering die schade dekt aan de woning zelf.

Optie
Tijdelijke overeenkomst tussen verkoper en aspirant-koper, waarbij de aspirant-koper gedurende een periode het eerste recht van koop heeft tegen een afgesproken prijs. Verkoper verkoopt in die periode niet aan een ander.

Overbruggingskrediet
Lening om de tijd te overbruggen tussen de aankoop van de nieuwe en de verkoop van de oude woning, indien er op dat laatste moment eigen geld vrijkomt.

Overdraagbare premie
De subsidie die overgaat van de oude naar de nieuwe eigenaar van een premiewoning.

Overdrachtsakte
Deze maakt de notaris op bij de koop en de verkoop van onroerende zaken. Deze akte wordt ingeschreven bij het kadaster.

Overdrachtsbelasting
Deze belasting wordt geheven bij overdracht van een bestaand huis en bedraagt 6% van de aankoopwaarde. Meestal betaalt de koper deze belasting. Voor een nieuwbouwwoning is geen overdrachtsbelasting verschuldigd. In sommige gevallen geldt dit wel voor de grond.

Overheidsbijdrage
Subsidie die de overheid uitkeert bij (sociale) koop- of premiewoningen.

Overlijdensrisicoverzekering
Een verzekering die tot uitkering komt als de verzekerde komt te overlijden en die het mogelijk maakt dat de nabestaande(n) in de woning kan-kunnen blijven wonen, omdat de hypotheek kan worden afgelost of verlaagd. Het kan bij sommige hypotheken verplicht worden gesteld.

Oversluiten
De huidige hypotheek opnieuw afsluiten op andere voorwaarden en meestal tegen een lagere rente. Dit kan ook bij een andere instelling. In de meeste gevallen zijn oversluitkosten verschuldigd. Als de nieuwe hypotheek wordt afgesloten bij een andere instelling of bij een verhoging van het leningsbedrag dient u ook rekening te houden met de kosten van een nieuwe hypotheekakte.

Overstapfaciliteit
Mogelijkheid om over te stappen van een variabele rente naar een vaste rente.

Overwaarde
Het verschil tussen de waarde van een pand en de hypotheekschuld, voor zover deze positief is. Dit is ‘stil’ vermogen, besloten in een woning.

Pandrecht
Geeft de pandhouder de mogelijkheid rechten uit te oefenen op een levensverzekering. Een verpande verzekering mag u alleen met toestemming van de pandhouder wijzigen.

Passeren
Het ondertekenen van de hypotheek- en transportakte bij de notaris, waardoor deze geldig worden.

Plafondrente
Zie bandbreedterente.

Premiedepot
Het premiedepot is een aande hypotheek verpande geblokkeerde renterekening bedoelt om (een deel van) de premies te betalen van de eveneens aan de hypotheek verpande levensverzekering.

Premievrij maken
Op verzoek en in overleg met de maatschappij kan de premiebetaling van een levensverzekering worden stopgezet terwijl de waarde behouden blijft en de verzekering blijft doorlopen. Vaak gebeurt dit bij een hoge poliswaarde en genoeg aantal jaren betaalde premie (volgens de Belastingwetgeving 2001).

Premiewoning
Nieuwbouwwoning die door de overheid gesubsidieerd wordt, in de vorm van een eenmalige of periodieke bijdrage. Regelingen verschillen van gemeente tot gemeente.

Pro Resto hoofdsom
De nog openstaande (hypothecaire) schuld na aftrek van alle (administratieve) aflossingen en kosten.

Projecthypotheek
Bij nieuwbouwprojecten bieden hypotheekinstellingen soms een hypotheek aan tegen een lagere rente of afsluitkosten dan normaal. De lagere rente vervalt meestal bij renteherziening.

Rechtsbijstandverzekering
Verzekering die voorziet in rechtshulp bij juridische zaken.

Rekenrente
De wettelijk verplichte vaste rente over het betaalde bedrag bij traditionele levensverzekeringen.

Rentebedenktijd
Bepaalde periode waarbinnen de rente voor een vaste termijn kan worden vastgezet. Vaak een periode van één of twee jaar, zodat u een geschikt moment kunt afwachten.

Renteherziening
Moment waarop een rentevaste periode afloopt en een nieuwe rentevaste periode gekozen moet worden.

Rentemiddeling
Een nieuw rentepercentage vaststellen door het rentepercentage van de voorgaande hypotheekperiode op te tellen bij het nieuwe (dag)rentepercentage en beide (gewogen) te delen. Deze rentemiddeling vindt vaak plaats bij een hypotheekverhoging voor een verbouwing of bij verhuizing.

Renteopslag
Een opslag op de basisrente. Bijvoorbeeld in het geval van een tophypotheek.

Renteselect
Zie bandbreedterente.

Rentevaste periode
De hypotheekrente wordt bij het afsluiten van de hypotheek voor een bepaalde periode overeengekomen (bijvoorbeeld 5 of 10 jaar). Na de rentevaste periode wordt de rente op de renteherzieningsdatum aangepast aan de dan gelden rentestand, voor een nieuwe door u te kiezen periode.

Renteverlies tijdens bouw
Hypotheekrente, door u verschuldigd tijdens de bouw van een huis. Deze last heeft u naast uw huidige woonlasten. Vaak kunt u renteverlies meefinancieren, zodat u niet met dubbele woonlasten zit.

Restschuld
Het gedeelte van de oorspronkelijke lening dat nog open staat.

Roerende zaken
Alles wat niet nagel- en aardvast is verbonden aan een onroerend goed.

Royeren
Uitschrijven-doorhalen van een hypotheek uit het Hypotheekregister.

Servicekosten
Kosten voor collectief onderhoud, collectieve verzekeringen en overige voorzieningen aan een onroerend goed. Bewoners-eigenaren van flats, appartementen en gesplitste woningen hebben met servicekosten te maken.

Spaarhypotheek
Hypotheekvorm, ook wel bekend als Verbeterde Levenhypotheek, waarbij de aflossing geschiedt door middel van een gemengde verzekering en waarbij de vergoeding over een berekening van de spaarpremie bepaald wordt door de hypotheekrente.

Stabielrente
Zie bandbreedterente.

Starterslening
De Stichting Stimuleringsfonds Volkhuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVn) biedt een product dat koopwoningen makkelijker bereikbaar maakt: de Starterslening. De starterslening is bedoeld om het verschil te overbruggen tussen de kosten van de aankoop van de woning en de maximaal mogelijke lening voor de koper. Het is een aanvullende lening op een reguliere hypotheek. De Starterslening wordt verstrekt voor maximaal 30 jaar en is, in ieder geval, de eerste 3 jaar renteloos en aflossingsvrij. Na drie jaar wordt, op basis van uw dan geldende persoonlijke situatie, bekeken of er rente en aflossing over de Starterslening betaald kan worden. Indien dit het geval is dan wordt de Starterslening aangepast aan uw nieuwe, persoonlijke situatie. Voor de Starterslening wordt een tweede hypotheek gevestigd op de woning. De Starterslening is in een beperkt aantal gemeenten mogelijk. Iedere gemeente stelt zelf de voorwaarden vast om in aanmerking te komen. De aanvrager moet echter altijd een hypotheek afsluiten met Nationale Hypotheek Garantie.

Stichtingskosten
Alle kosten inclusief meerwerk die worden gemaakt voor de aankoop van een nieuwbouwwoning.

Successierechten
Na overgang van eigendommen na overlijden dient de ervende nieuwe eigenaar belasting te betalen.

Taxatie
Waardebepaling van het huis op een bepaald moment. De taxatie dient gedaan te worden door een erkende taxateur. De kosten zijn afhankelijk van de waarde van het huis.

Tophypotheek
Indien het hypotheekbedrag hoger is dan een bepaald percentage (afhankelijk van de geldverstrekker) van de executiewaarde, spreekt men van een tophypotheek.

Transportakte
Overdrachtsakte, die de notaris opmaakt bij de koop en verkoop van onroerende zaken en die wordt ingeschreven bij het kadaster.

Tweede hypotheek
In bepaalde gevallen is het mogelijk een tweede hypotheek af te sluiten op eenzelfde pand, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van overwaarde.

Tweeverdienershypotheek
Hypotheek die alleen verstrekt wordt in een huishouding waar sprake is van twee (vaste) inkomens.

Unit
Participatie (aandeel) in een beleggingsfonds.

Unit-linked verzekering
Verzekering waarbij er gespaard wordt door te beleggen in één of meer beleggingsfondsen. Het spaardeel wordt gebruikt om ‘units’ aan te kopen. Vaak kan worden gekozen uit o.a. aandelen-, obligatie- en mixfondsen.

Universal-life verzekering
Verzekering opgezet vanuit het Universal-Life principe waarbij de ingelegde premies worden belegd in units. Die units worden weer verkocht om bepaalde dekkingen bij overlijden en arbeidsongeschiktheid te financieren. Deze vorm van verzekeren kenmerkt zich door een hoge mate van flexibiliteit.

Variabele rente
U betaalt geen vast percentage, maar een rente die per maand of kwartaal varieert.

Vaste inschrijving
Vermelding in het hypotheekregister waarbij sprake is van een zogenaamd dalend hypotheekrecht. De geldverstrekker mag dan niet meer vorderen dan de nog openstaande hypotheekschuld vermeerderd met rente en kosten.

Vereniging van eigenaren
Als het eigendom van een pand (appartement, gesplitste woning) over meerdere eigenaren is verdeeld, vormen de eigenaren gezamenlijk een vereniging. Deze vereniging is wettelijk verplicht.

Vermogensrendementsheffing
Term voor de wijze waarop in Box III het vermogen minus de schulden wordt belast. In de regel komt deze belasting neer op een tarief van 1,2% over huidige vermogen na aftrek van mogelijke vrijstellingen.

Verpanding
Via hypotheekakte vastgelegde verplichting dat (bijvoorbeeld) een levensverzekering onlosmakelijk verbonden is aan een hypotheek als aflossingsverplichting.

Verwervingskosten
Het totaal benodigde bedrag om het huis te kunnen kopen (verwerven).

Voorfinanciering
De subsidie op premiewoningen of (sociale) koopwoningen kan door de bank worden voorgeschoten en tussen de overheid en bank worden verrekend.

Voorlopig koopcontract
Overeenkomst waarin alle zaken, inclusief de ontbindende voorwaarden, zijn opgenomen met betrekking tot de koop- en verkoop van onroerend goed. De aanduiding ‘voorlopig’ heeft enkel betrekking op het gegeven, dat de notaris voor de uiteindelijke eigendomsoverdracht moet zorgen. ‘Voorlopig’ moet dan ook niet verward worden met ‘vrijblijvend’!

Voorlopige teruggaaf
Een eigen woning bezitter mag onder andere de hypotheekrente opvoeren als aftrekpost inkomstenbelasting. Dat leidt tot een belastingteruggave, die in plaats van per jaar achteraf ook per maand achteraf kan worden uitbetaald. U ontvangt dan een voorlopige teruggave rechtstreeks van de Belastingdienst. Eventueel te veel of te weinig terug ontvangen belasting wordt achteraf verrekend met de definitieve aanslag inkomstenbelasting.

Vrij op naam (v.o.n.)
De verkoper neemt de notariskosten en overdrachtsbelasting voor zijn rekening.

Vrije sector
Categorie nieuwbouwwoningen boven een bepaald prijsniveau.

Vrije verkoopwaarde
De geschatte waarde van de woning bij vrijwillige verkoop, onder meest optimale condities.

Waarborgsom
Mogelijke zekerheidsstelling bij een koop van een (bestaande) woning voor de verkoper tot aan transportdatum waarbij de koper een bedrag (tot 10% van de afgesproken koopsom) overmaakt aan de notaris. Dit kan ook via een bankgarantie.

Weduweverklaring
Verklaring bij verzekeringsvorm waarbij, ter besparing van het successierecht, de echtgenoot-echtgenote van de geldnemer als eerste bevoordeelde voor het verzekerde kapitaal bij overlijden aangewezen wordt. Dit onder de verbintenis dat deze de uitkering aanwendt voor de aflossing van de hypotheekschuld.

Wet Brede Herwaardering
Verzekeringswet van 1992 tot en met 2000 die vermogensopbouw via kapitaalverzekeringen beperkt middels vrijstellingen, duur en maximale inleg. Sinds de invoering van de belastingherziening 2001 inhoudelijk gedeeltelijk opgenomen in het nieuwe boxenstelsel via overgangsrecht en vaste bepalingen en vrijstellingen in Box I en Box III.

Woonlasten
Het bedrag dat u per jaar voor het bewonen van uw huis moet betalen.

WOZ
Wet Waardering Onroerende Zaken. Draagt zorg voor een uniforme waardering van alle onroerende zaken in Nederland, die in de belastingheffing worden betrokken. De wet verplicht gemeenten éénmaal per vier jaar waarde van een onroerend goed vast te stellen, op basis waarvan uw onroerende zaakbelasting en huurwaardeforfait worden bepaald.