Kopie van `Diagnose Borstkanker`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Diagnose Borstkanker
Categorie: Medisch > Borstkanker
Datum & Land: 29/05/2013, NL
Woorden: 46


Ablatie
Verwijderende borstoperatie waarbij de borstspieren en lymfeklieren in de oksel niet verwijderd worden.

Absorptie
Opname van (voedings) stoffen in de darmen

Amputatie
Operatieve verwijdering van een lichaamsdeel.

Anaemie
Bloedarmoede; tekort aan rode cellen in het bloed, die voor het zuurstoftransport zorgen.

Angiogenese
Nieuwe vorming van bloedvaten. De vorming van nieuwe bloedvaten wordt gestimuleerd door de afscheiding van zogenaamde groeifactoren die worden aangemaakt door omliggende cellen. Een belangrijk voorbeeld van een groeifactor is VEGF: Vascular Endothelial Growth Factor.

Angiogeneseremmers
Benaming voor nieuwe groep van anti-kanker geneesmiddelen, die gebruik maken van het feit dat een tumor nieuwe bloedvaten (angiogenese) nodig heeft om te kunnen groeien. Door deze vorming van bloedvaten te remmen wordt de tumor in zijn groei belemmerd.

Anthracyclines
Geneesmiddelen behorend tot de groep van chemotherapeutica. Van oorsprong antiobiotica die toegepast worden bij kanker vanwege hun remmende effect op de celgroei, bijvoorbeeld: doxorubicine en epirubicine.

Antibiotica
Geneesmiddelen die bacterieën kunnen doden

Antigeen
(Receptor) eiwit op het celoppervlak van een virus, bacterie of tumor waardoor deze door het lichaam als †œindringer† wordt herkend en waartegen antilichamen worden gemaakt om deze †œindringer† te vernietigen. (Antigeen-antilichaam reactie; de antilichaamtherapie is gebaseerd op dit mechanisme).

Antilichaam
Deel van het afweersysteem van het lichaam. Bindt zich aan antigenen van bijvoorbeeld virus of tumor om deze onschadelijk te maken.

Antilichaamtherapie
Behandeling waarbij in het laboratorium gemaakte antilichamen doelgericht tegen bepaalde receptoreiwitten (antigenen) op tumoren worden ingezet om deze onschadelijk te maken. Een belangrijk voordeel van antilichaamtherapie vergeleken met andere kankergeneesmiddelen is, dat deze antilichamen specifiek gericht zijn op de kankercel en slechts op weinig andere lichaamscellen werken. Dit leidt ertoe dat antilichaamtherapie minder bijwerkingen heeft dan bijvoorbeeld chemotherapie.

Antioestrogenen
Geneesmiddelen die het groei-stimulerende effect van de lichaams-eigen oestrogenen op de (tumor)cel tegengaan.

Celdeling
Het proces waarbij een cel zich in twee dochtercellen deelt. Bij gezonde weefsels treedt hierdoor voortdurende vernieuwing op. Oude cellen sterven na verloop van tijd af. Bij kwaadaardige weefsels is sprake van zeer snelle deling waardoor niet alleen vernieuwing maar ook ongeremde groei plaatsvindt.

Cellen
Kleinste levende delen waaruit het lichaam is opgebouwd. Er zijn zeer veel soorten cellen die allemaal verschillende functies vervullen en met elkaar het lichaam in stand houden.

Cellulair
De cel betreffende.

Celtype
Het soort cel; de eigenschappen van de cel.

Celwand
Het omhulsel van een cel.

CISH
Chromogene in situ hybridisatie, een methode om overexpressie van bijvoorbeeld HER2 te meten.

Curatieve behandeling
Behandeling met genezing als doel.

DNA
Deoxyribonucleïnezuur, de bouwstenen van de genen in de kern van elke cel, bevatten het erfelijke materiaal.

Erythrocyten
Rode bloedcellen, deze zijn verantwoordelijk voor het zuurstoftransport naar de weefsels.

Erythropoëtine
Stof die het beenmerg aanzet tot de vorming van erythrocyten (rode bloedcellen).

Foliumzuur
Onmisbaar voedingsbestanddeel, behoort tot de vitamine B groep.

Histologie
Weefselleer; kennis/herkenning van het uiterlijk van verschillende soorten weefsels.

IHC
Immuno Histo Chemie, een methode om overexpressie van bijvoorbeeld HER2 te meten.



Immunotherapie
Zie antilichaamtherapie. Behandeling die gebruikt maakt van dezelfde principes als het eigen immuunsysteem.

Immuunsysteem
Systeem in het lichaam dat zorgt voor de afweer tegen lichaamsvreemde stoffen zoals bacteriën, virussen en tumoren. Dit afweersysteem maakt daarvoor zogenaamde afweercellen en/of afweerstoffen (antilichamen), die in staat zijn †œvreemde cellen† te vernietigen en op deze manier het lichaam te beschermen tegen ziekte. Deze antilichamen herkennen op het celoppervlak van virussen of kankercellen de aanwezigheid van lichaamsvreemde eiwitten (zogenaamde antigenen of receptoren) en binden zich daaraan om deze cellen vervolgens te vernietigen.

Klier
Klein orgaan dat speciale stoffen afscheidt (secretie) die een rol spelen in het lichaam. Er zijn klieren met inwendige afscheiding zoals bijvoorbeeld lymfe of hormonen en klieren met uitwendige afscheiding zoals bv melkklieren of zweetklieren.

Oedeem
Vochtophoping in de weefsels.

Oestrogeen
Belangrijkste vrouwelijke geslachtshormoon; speelt  grote rol bij ontwikkeling van de vrouwelijke geslachtskenmerken, zoals de borsten, maar ook bij de eisprong en zwangerschap. Heeft verder gunstige effecten op o.a. het bot en hart- en bloedvaten. Zie ook hormonen en hormoontherapie.

Okselklierdissectie
Operatieve verwijdering van de lymfeklieren in de oksel , ook wel okselkliertoilet genoemd.

Oraal
Via de mond.

Organen
Deel van het lichaam dat een specialistische functie heeft; bijvoorbeeld het hart, de longen, de lever, de nieren.

Osteoporose
Botontkalking, hierbij treedt verzwakking op van het bot waardoor sneller botbreuken kunnen ontstaan en/of de rugwervels kunnen inzakken. Dit treedt vooral op bij vrouwen na de overgang, door het stoppen van de productie van vrouwelijke geslachtshormonen in de eierstokken.

Ovulatie
Eisprong.

RNA
Ribonucleïnezuur. Brengt de erfelijke informatie (DNA) van de cel over naar het eiwitproducerende deel van de cel.

Second Opnion
Letterlijk: tweede mening. Het vragen van een tweede arts om zijn/haar mening omtrent diagnose en/of behandeling. Bijvoorbeeld bij twijfels of de door de eerste arts voorgestelde behandeling wel de beste kans van slagen heeft.

Sepsis
Levensbedreigende situatie die optreedt als gevolg van een tekort an witte bloedcellen, gepaard gaande met ontsteking en koorts. Kan leiden tot een septische shock waaraan de patient kan overlijden.

Shock
Levensbedreigende daling van de bloeddruk ten gevolge van algemene verwijding van de bloedvaten.

Sleutelbeen
Bot dat de schouder met het borstbeen verbindt, bevindt zich onderaan in de hals.

Symptomen
Optredende verschijnselen of klachten.

Thrombocyten
Bloedplaatjes; cellen die gevormd worden in het beenmerg en in het bloed een belangrijke rol spelen bij de bloedstolling.

TNM Classificatie
Indeling van de mate van voortschrijding van de borstkanker op basis van de tumorgrootte (T) aantal aangedane lymfeklieren (N) en aanwezigheid van metastasen elders in het lichaam (M).

Uitzaaiingen
Uitzaaiingen zijn kankercellen die uit de oorspronklijke tumor via de lymfevaten of via de bloedvaten versleept zijn naar andere delen van het lichaam. Daar nestelen zij zich en delen zich opnieuw, zodat ook in dat lichaamsdeel een tumor ontstaat. Bij borstkanker komen uitzaaiingen behalve in de lymfeklieren vaak terecht in de botten, longen, lever of hersenen. Wanneer dergelijke uitzaaingen zijn aangetroffen is genezing niet meer mogelijk. Wel kan door middel van behandeling in veel gevallen de duur van het leven worden verlengd.

Zelfonderzoek
Het systematisch aftasten van de borst dat door de vrouw zelf maandelijks gedaan kan worden om te voelen of er veranderingen zijn; zoals verdikkingen, verhardingen, knobbeltjes, voelbare klieren of afscheiding uit de tepel. Lees voor uitgebreide informatie en instructie het deel diagnostiek †“zelfonderzoek van deze website.

Zenuwpijn
Pijn die optreedt als gevolg van de beschadiging van een gevoelszenuw bij het verwijderen van de lymfeklieren in de oksel. Dit uit zich in een brandend, schrijnend of zeurend, speldenprikkend of stekend gevoel en/of een strakke band om de borstkas en/of bovenarm. De hevigheid van de pijn neemt toe bij inspanning (tillen, bewegen, schrijven, wandelen etc.) maar ook bij vermoeidheid, koud weer of wrijvende kleding.