broeden werkw. Uitspraak: [ ˈbrudə(n) ] Afbreekpatroon: broe·den Vervoegingen: broedde (verl.tijd enkelv.) Vervoegingen: heeft gebroed (volt.deelw.) (van vogels) op een ei zitten om het kuiken eruit te laten komen Zie ook: broed Synoniemen: gebroed koesteren nadenken uitbroeden warmhouden zinnen Gevonden op https://www.woorden.org/woord/broeden
op eieren zitten tot de jongen eruit komen vb: die kip zit te broeden ergens op zitten broeden [het in stilte uitdenken] Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=broeden
'Broeden' is het door warmte doen uitkomen van eieren, in het bijzonder bij vogels. De broedduur kan variëren van circa 10 dagen tot drie maanden, afhankelijk van de soort. Gevonden op https://nl.wikipedia.org/wiki/Broeden
Broeden betekent op een ei zitten om een kuiken eruit te laten komen. Wanneer vogels eieren leggen om kuikens te krijgen, noemen we dat 'broeden'. De mama- of papa-vogel zit dan op de eieren om ze warm te houden, net als een mama die haar baby warm houdt met een deken. De vogel blijft dicht bij het ei om ervoor te zorgen dat het uitkomt en er een b... Gevonden op https://wikikids.nl/Broeden
Reproductieproces bij vogels in het algemeen, het op eieren zitten in het bijzonder (z.o. broedseizoen, incubatie)..
Gevonden op https://www.encyclo.nl/lokaal/10765