de etenstijd zelfst.naamw. (m.) Uitspraak: [ ˈetə(n)stɛit ] Afbreekpatroon: etens·tijd Verbuigingen: etenstijden (meerv.) tijdstip waarop de meeste mensen gaan eten Voorbeeld: 'Vóór etenstijd moet je thuis zijn.' Gevonden op https://woorden.org/woord/etenstijd
1) Eetmoment 2) Moment voor voedselnuttiging 3) Moment om aan tafel te gaan 4) Tijd waarop gegeten wordt 5) Moment voor een maaltijd 6) Tijd waarop men eet 7) Schofttijd Gevonden op https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Etenstijd/1