Letterlijk in het Grieks ‘voorstelling van het mannelijk lid in de toestand van erectie’ (van Dale). ‘[D]e fetisj is het substituut voor de fallus van de vrouw (moeder), waaraan de kleine jongen geloofd heeft en waarvan hij – wij weten waarom – geen afstand wil doen’ (Freud, 1927e, 9: 419). Figuurlijk is hij datgene wat de penis kan rep... Gevonden op https://psychoanalytischwoordenboek.nl/lemmas/fallus/