Zoek op

gemelijk

gemelijk bijv.naamw. slecht van humeur, niet vriendelijk gestemd, knorrig, misnoegd, slechtgehumeurd    Voorbeeld: `Hij was in de gemelijkste bui in jaren. ` Bron: WikiWoordenboek. SpellingCorrect gespeld: 'gemelijk' komt voor in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie ...
Gevonden op https://www.woorden.org/woord/gemelijk

gemelijk

misnoegd
Jaar van herkomst: 1447 (MNW )
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/sijs002chro01_01/colofon.php

gemelijk

misnoegd, slechtgehumeurd (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/gemelijk

gemelijk

in een slecht humeur vb: gemelijk keek hij mij aan Synoniemen: chagrijnig geprikkeld humeurig korzelig geïrriteerd Tegenstellingen: blij vrolijk verheugd opgewekt opgeruimd
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=gemelijk

gemelijk

knorrig, ontevreden, slechtgehumeurd - Woordfeit: Gemelijk is in het Middelnederlands (1200-1500) afgeleid van geme, een variant van game. Game/geme betekende `grap, streek` en gemelijk dus `grappig`. In de loop der eeuwen verschoof de betekenis van `grappig` via `wonderlijk, vreemd` naar `zonderling, moeilijk te ...
Gevonden op https://onzetaal.nl/uploads/nieuwsbrieven/gemelijk.html
Geen exacte overeenkomst gevonden.