
de snok zelfst.naamw. (m.) Uitspraak: [ snɔk ] Verbuigingen: snokken (enkelv.)
1) keer dat je hard trekt Voorbeeld: 'een snok geven aan de leiband als je hond niet naast je wil lopen' Synoniem: ruk
2) wat je voelt als er een elektrische stroom door je lichaam gaat Voorbeeld: 'een snok krijgen als je een lampje verv...
Gevonden op
https://woorden.org/woord/snok

1) Ruk 2) Snik
Gevonden op
https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Snok/1

ruk - Voorbeeld: ‘
Het lampke danste in kleine snokjes, piepte nog even eens uit, kroop in, weer uit en dan voorgoed, bleef het weg’ - Voorbeeld: ‘
De een heeft de manie al maar door met snokjes zijn ondervest neer te trekken’ (Ingoyghem II 143)
Gevonden op
https://dbnl.org/tekst/leme001taal02_01/leme001taal02_01_0021.php

'Snok' is een bestuurslaag in het regentschap Timor Tengah Selatan van de provincie Oost-Nusa Tenggara, Indonesië.
Gevonden op
https://nl.wikipedia.org/wiki/Snok
Geen exacte overeenkomst gevonden.