Zoek op

belopen

belopen werkw.Uitspraak:   [bəˈlopə(n)] Verbuigingen:   beliep (verl.tijd enkelv.) Verbuigingen:   heeft belopen (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen 1) te voet afleggen Voorbeeld:   `Ik kan die afstand niet belopen.`van het belopen pad a...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/belopen

BELOPEN

1) Aanlopen 2) Afleggen 3) Bedragen 4) Begaan 5) Betreden 6) Bewandelen 7) Incurreren 8) Maken 9) Te voet afleggen 10) Uitmaken
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/BELOPEN/1

Belopen

verzorgen, voorzien in.
Gevonden op http://resources.huygens.knaw.nl/vocglossarium/zoekvoc

belopen

1> HET KUNNEN BELOPEN: er in een rechte lijn naartoe kunnen varen. Gerlateerde term: bezeilen. 2> inhalen. Sneller varen dan de voorganger. Zie oplopen. In die zin eigenlijk ook: door een bui belopen worden: een bui niet voor kunnen blijven of kunnen ontzeilen
Gevonden op http://www.debinnenvaart.nl/binnenvaarttaal/woord.php?woord=b
Geen exacte overeenkomst gevonden.