
samenvallen werkw. Uitspraak: [ ˈsamə(n)vɑlə(n) ] Afbreekpatroon: sa·men·val·len Vervoegingen: viel samen (verl.tijd enkelv.) Vervoegingen: is samengevallen (volt.deelw.)
op hetzelfde tijdstip gebeuren Voorbeelden: 'Goede Vrijdag en mijn verjaardag vallen dit jaar samen.' , 'Het presidentiële bezoek viel samen met een hittegolf.' S...
Gevonden op
https://woorden.org/woord/samenvallen

1) Coïncideren 2) Tegelijkertijd plaatsvinden 3) Samenlopen 4) Fuseren 5) Overlappen
Gevonden op
https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Samenvallen/1
op dezelfde tijd gebeuren vb: onze verjaardagen vallen samen
Gevonden op
https://mowb.muiswerken.nl/
Geen exacte overeenkomst gevonden.