Kennisconsult Managementwoordenboek

Deze woordenlijst kan afkomstig zijn van een online bron die niet meer beschikbaar is, of kan zijn samengesteld door externe bronnen. De informatie kan sinds de oorspronkelijke publicatie zijn veranderd. We raden aan om kritisch te zijn bij het beoordelen van de waarde en actualiteit ervan.
Categorie: Management
Datum & Land: 25/08/2022, NL
Woorden: 27274


social software
Dit zijn applicaties waar mensen via Internet elkaar kunnen `ontmoeten`, met elkaar kunnen communiceren en samenwerken. Social software wordt steeds vaker ingezet voor leerdoeleinden.

sollicitatieformulier
Een formulier dat gebruikt wordt in een sollicitatieprocedure om gegevens over de sollicitant te verzamelen.

sociogram
Een grafische weergave van de betrekkingen tussen mensen.

sociaal jaarverslag
Een in begrijpelijk taal geschreven samenvatting van het jaarverslag bestemd voor het eigen personeel waarin vooral aandacht wordt gegeven aan de sociale dimensie van het ondernemingsbeleid.

sociale leertheorie
Een leertheorie die er van uit gaat dat mensen onder andere leren door observatie, nadoen wat men heeft gezien, kijken naar het resultaat, snappen hoe het werkt.

soft systems methodology
Een methode om complexe situaties en ondoorzichtige problemen, die niet zijn omschreven in een heldere probleemstelling aan te pakken door ze te benaderen als systemen.

sociale netwerksites
Een sociaal netwerk is een internetdienst waarmee gebruikers een sociaal netwerk kunnen creëren en onderhouden. Een sociaal netwerk wordt gebruikt om bijvoorbeeld persoonlijke ervaringen, meningen, nieuws en andere informatie te delen met anderen.

software voor statische code-analyse
Een softwareproduct dat statische code-analyse uitvoert. Het softwareproduct controleert broncode op bepaalde eigenschappen zoals het volgen van codeerstandaarden, kwaliteitsmetrieken of afwijkingen in de gegevensstroom.

sociaal systeem
Een systeem dat bestaat uit de relaties die tussen mensen worden onderhouden in een groep, gemeenschap of samenleving.

software usability measurement inventory
Een testtechniek gebaseerd op een vragenlijst die de bruikbaarheid, b.v. gebruikerstevredenheid, van een component of systeem beoordeelt. [Veenendaal].

social cognitive theory
Een theorie waarin wordt aangegeven dat de motivatie van een persoon toeneemt naarmate hij er meer van overtuigd raakt dat hij een taak tot een goed einde kan brengen.

sociaal besturingsmechanisme
Een van de besturingsmechanismen van Ouchi, waarbij het management stuurt door middel van beïnvloeding van interne sociale structuren. Selectie, training in vaardigheden en overdracht van waarden en normen zijn hierbij de belangrijkste elementen.

social learning
Een vorm van leren die is gebaseerd op het aanleren van gedrag door nabootsing.

sociopsychologische factoren
Factoren die het gedrag beïnvloeden, die zijn terug te voeren op de natuur van de mens als sociaal wezen

social norm
Gedrag zoals dat verwacht wordt van alle leden van een gemeenschap.

social engineering
Het door misleiding, manipulatie of onder druk zetten ontfutselen van informatie.

softwarekwaliteit
Het geheel van functionaliteit en eigenschappen van een softwareproduct dat voldoet aan de expliciete of impliciete behoeften. [Naar ISO 9126].

sociale zekerheid
Het geheel van wettelijke maatregelen, dat tot doel heeft een zekere continuïteit in de bestedingsmogelijkheden van huishoudens te garanderen.

sorteren op ouderdom
Het indelen van rekeningen, bestellingen, voorraadbestanddelen enzovoort op ouderdom. Wordt gebruikt om orde op zaken te stellen/houden en om te prioriteren.

sonification
Het omzetten van data en informatie in geluid waardoor optredende veranderingen sneller worden opgemerkt.

socialisatie in het beroep
Het proces dat iemand moet doorlopen om de omgangsvormen en eigenheden aan te leren die gewoon zijn in een bepaald beroep.

sociale netwerkanalyse
Het systematisch in kaart brengen en beoordelen van relaties en informatiestromen tussen mensen, organisaties, databanken en andere kennisdragers.

sociale controle
Het toezicht op een persoon door leden van zijn groep/gemeenschap.

solliciteren
Het trachten een bepaalde betrekking te verwerven.

sociale intelligentie
Het vermogen om zich in tge leven in andere mensen en hun bedoelingen te doorgronden om daar op in te kunnen spelen.

sociaal reactievermogen
Hiervan is sprake als een organisatie in staat is in te spelen op actuele maatschappelijke thema's, zoals die zich voordoen in haar omgeving.

sollicitatiefraude
Hiervan is sprake als sollicitanten voorafgaand of gedurende het verloop van de sollicitatieprocedure valse informatie verstrekken of informatie verzwijgen waarvan zij in redelijkheid kunnen weten dat zij ze moeten melden.

sollicitantendossier
Informatie over een sollicitant verzameld gedurende het verloop van de sollicitatieprocedure.

sole sourcing
Inkoop bij slechts een enkele leverancier, vanwege de reden dat er maar een leverancier bestaat. Dit in tegenstelling tot enkelvoudige toelevering (single sourcing) waarbij men ook met slechts een leverancier zaken doet, ofschoon er in dit geval meerdere leveranciers beschikbaar zijn.

sociale innovatie
Innovatie die betrekking heeft op ongeschreven en geschreven spelregels in uw bedrijf, bijvoorbeeld de wijze waarop u uw bedrijf maandelijks stuurt, of gewenst gedrag zoals klantgerichtheid oproept.

sociale marketing
Marketing waarmee geprobeerd wordt om bepaalde maatschappelijke veranderingen die wenselijk worden geacht tot stand te brengen. Denk bijvoorbeeld aan campagnes tegen overgewicht, of drank achter het stuur.

solvabiliteitsratio
Ratio om na te gaan in hoeverre bij liquidatie van een onderneming verschaffers van vreemd vermogen kunnen worden betaald uit het eigen vermogen.

software as a service
SaaS is een hoogwaardige vorm van IT-dienstverlening waarbij online abonnementen de traditionele software vervangen. Deze term wordt gebruikt voor software die gebruik maakt van ASP-techniek.

sociaal kapitaal
Sociaal kapitaal wordt gedefinieerd als de totale set aan waardecreërende resources die in een organisatie groeien door haar houdbare netwerk van intra- en interbedrijfsrelaties (Ireland, Hitt en Vardyanath, 2002).

sociale media
Social media is een verzamelnaam voor alle internet-toepassingen waarmee het mogelijk is om informatie met elkaar te delen op een gebruiksvriendelijke en vaak leuke wijze. Het betreft niet alleen informatie in de vorm van tekst (nieuws, artikelen). Ook geluid (podcasts, muziek) en beeld (fotografie, video) worden gedeeld via social media websites. Met andere woorden, social media staat voor 'Media die je laten socialiseren met de omgeving waarin je je bevindt'.

social web
Social Web refereert aan een nieuwe golf van 'world wide web' toepassingen die de mogelijkheid bieden tot vele verschillende manieren en wegen om te communiceren.

sociaal netwerk
Sociale netwerken zijn de persoonlijke contacten die door een persoon binnen en buiten zijn werkkring worden onderhouden.

socio-technical system
Systeem met complexe interactie tussen mens, technologie en omgeving.

sociale technologie
Technologie met belangrijke gevolgen voor een samenleving.

sociale vaardigheden
Vaardigheden die nodig zijn in de omgang met anderen, zoals communicatieve vaardigheden, het kunnen omgaan met fatsoensregels en waarden en normen, enz.

sollicitatiepool
De totale groep van sollicitanten die meedingen naar een vacante functie.

specifieke omgeving
Dat gedeelte van de omgeving van een organisatie dat van belang is voor een beperkt aantal organisaties, namelijk organisaties van een bepaald type of uit een bepaalde branche. Factoren die hier een voorname rol spelen zijn klanten, concurrenten, leveranciers, leveranciers- en afnemersrelaties, sociocultuur en belangengroeperingen.

speciale oorzaken van variatie
Afwijkingen in een proces die worden veroorzaakt door medewerkers of apparatuur of door ongewone omstandigheden in de omgeving waarin een proces zich voltrekt.

special intelligence briefing
Beknopt verslag omtrent de stand van zaken van een bepaald onderwerp, aangevuld met aanbevelingen voor te ondernemen actie.

specialisatie
(1) Het zich richten op een onderdeel van een groter vak- of werkgebied; (2) Het verkleinen van het assortiment. Voordelen hiervan zijn: bredere keus voor afnemers, verdieping van de kennis omtrent het assortiment met hieruit voortvloeiende verbeteringvan de advisering/service aan cliënten.

sponsor
(1) Een informele projectrol, die gewoonlijk wordt vervuld door een hooggeplaatst lid van de organisatie die zelf niet direkt betrokken is bij het project, die een oogje in het zeil houdt en die kan worden ingeschakeld als het project dreigt vast te lopen of als buitenstaanders de voortgang van het project in de weg gaan staan. (2) Een algemene term die vaak wordt gebruikt in de betekenis van 'belangrijkste sturende kracht achter het project' en die meestal overeen komt met de PRINCE2-term 'Opdrachtgever'.

speltheorie
De speltheorie (Game Theory) is een tak van de wiskunde waarin het nemen van beslissingen centraal staat. Het is ontstaan uit de analyse van beslissingen die worden genomen bij het spelen van bordspellen. Met toepassingen in de economie, sociologie en biologie is het een zich snel ontwikkelend onderdeel van de wetenschap. De speltheorie biedt een raamwerk waarbinnen strategische interactie tussen 'spelers' bestudeerd wordt. Met behulp van modellen wordt geprobeerd de onderliggende interactie van 'spelers' die beslissingen nemen te begrijpen.

specifieke methode voor vermogenskosten
De vermogenskosten worden per product afzonderlijk berekend op basis van de voor het product noodzakelijke vermogensinvestering.

split-run-techniek
Een aantal representatieve steekproeven uit een mailingslijst die worden gebruikt om de resultaten van verschillende promotionele acties te vergelijken.

splitsen van een order
Een gedeelte van een order met hogere prioriteit doorsturen naar volgende bewerkingen.

specificatie
Een gedetailleerde omschrijving van de eigenschappen en de prestatiekarakteristieken van een product, systeem of component.

spoedcursus
Een korte intensieve cursus of training.

spiraalmodel
Een model voor software-ontwikeling, waarbij bepaalde stappen in het proces (zoals behoefteanalyse, ontwerp, codering, assembleren, testen, e.d.) steeds opnieuw worden doorlopen totdat de software compleet en in orde is. Het model wordt ook wel evolutiemodel genoemd.

specificatiegrens
Een ontwerpvereiste waaraan voldaan moet zijn om uiteindelijk een correct product te kunnen maken.

spoedopdracht
Een opdracht waaraan om de één of andere reden binnen de normaal geldende doorlooptijd moet worden voldaan.

spitse hiërarchische structuur
Een organisatiestructuur met veel hiërarchische niveaus en een geringe span of control.

specialist
Een persoon die zeer deskundig is of over uitstekende vaardigheden beschikt op een bepaald gebied.

specialistisch product
Een product waarvan de ontwikkeling in het plan wordt beschreven. De specialistische producten zijn specifiek voor een afzonderlijk project (bijv. een reclamecampagne, een kaartverkoopsysteem voor een parkeerterrein, de funderingen voor een gebouw, een nieuw bedrijfsproces, enz.). Wordt ook wel 'deliverable' of 'output' genoemd.

speciaal type
Een producttype waarvoor geen interne afnemersservicegraad wordt gehanteerd.

spider
Een programma dat het internet naspeurt op door de gebruiker gevraagde informatie.

sponsorship
Een promotiestrategie, waarbij een organisatie een bepaald doel, initiatief of organisatie ondersteunt met een geldelijke bijdrage met de bedoeling goodwill te kweken of de eigen naamsbekendheid of het eigen imago op te vijzelen

specialistische alliantie
Een verband waarbij exploitatie- en innovatieactiviteiten worden verdeeld tussen twee of meer met elkaar samenwerkende partijen.

speciaalzaak
Een winkel die is gespecialiseerd in een bepaald type product

span of management
Het aantal medewerkers dat door een leidinggevende aan te sturen is. Is synoniem aan: omspanningsvermogen.

spanwijdte
Het aantal medewerkers, waaraan werkelijk leiding gegeven moet worden.

specificeren
Het beschrijven van een geheel door de afzonderlijke onderdelen waaruit het bestaat te benoemen.

splitsing van een bewerking
Het inzetten van extra bewerkingscapaciteit om een bepaalde bewerking uit te voeren.

sparen
Het niet besteden van een deel van het inkomen

sponsoring
Het verlenen van (financiële) steun aan een organisatie of persoon in ruil voor het – door de medewerking van de gesponsorde partij – verwerven van commerciële publiciteit en communicatiemogelijkheden, om zo de naamsbekendheid van de onderneming en haar merken te vergroten en goodwill te kweken.

sponsoring
Het verlenen van (financiële) steun aan een organisatie of persoon in ruil voor het – door de medewerking van de gesponsorde partij – verwerven van commerciële publiciteit en communicatiemogelijkheden, om zo de naamsbekendheid van de onderneming en haar merken te vergroten en goodwill te kweken.

speech processing
Het vermogen van een computer om spraak te herkennen en er op te reageren.

spreiding
Het verschil tussen de bied- en laatprijs. Als de markt € 22,50 biedt en € 23 laat, dan is de spread dus € 0,50. Een bepaald type combinatieorders die zijn uit te voeren op een optiebeurs. Een spread bestaat uit twee poten of 'legs': een long-positie gecombineerd met een short-positie. Met spreads kan de belegger profiteren van een bepaalde trend in de markt en tegelijk het risico beperken.

spreidingsbreedte
Het verschil tussen de grootste en de kleinste waarneming.

spionage
Het zich op ongeoorloofde wijze eigen maken van vertrouwelijke informatie met het doel daar voordeel uit te behalen.

spying
Het zich op ongeoorloofde wijze eigen maken van vertrouwelijke informatie met het doel daar voordeel uit te behalen.

speculant
Iemand die gebruik maakt van prijsverschillen die in de loop van de tijd optreden op een markt

spreidingsdiagram
In een scatter diagram worden de relaties tussen twee variabelen weer gegeven door puntjes welke worden geplaatst in een vlak dat wordt gevormd door een x- en een y-as. De richting en de dichtheid van de puntjes in het vlak geven een indicatie van de aanwezigheid (of juist afwezigheid) van een relatie.

specifieke kennis
Kennis behorend tot het domein van een bepaalde bedrijfstak, die nodig is om in de betreffende bedrijfstak te kunnen functioneren, bijvoorbeeld vakkennis, marktkennis.

specifieke kosten
Kosten die direct toe te rekenen zijn.

spiritueel leiderschap
Leiderschap waarbij de leider zijn medewerkers beïnvloedt door spiritueel belang toe te dichten aan het functioneren van de organisatie en de daarbinnen te verrichten werkzaamheden.

spaced practice
Praktijkleren verdeeld over een aantal verspreid in de tijd liggende sessies.

specialty goods
Producten waarvoor de consument bereid is veel voorwerk te verrichten alvorens een dergelijk goed aan te schaffen. specialty goods is een categorie producten uit de indeling van Copeland.

specifieke productiecapaciteit
Productiefaciliteiten die uit kostenoverwegingen of vanwege hun bijzondere samenstelling voor een specifieke verrichting zijn bestemd.

specifieke commerciële regels
Regels en richtlijnen, opgesteld en uitgegeven door de commerciële afdeling, waarin verklaringen van afstand en specifieke eisen, van toepassing bij de acceptatie van een order, zijn opgenomen.

spyware
Software die zonder toestemming van een computergebruiker met kwade bedoelingen wordt geïnstalleerd om informatie van die gebruiker te verkrijgen of te manipuleren.

spam
Spam is de elektronische versie van brievenbusvervuiling: ongewenste reclame.

speling
Speling wordt gevormd door de periode waarbinnen een activiteit kan worden verplaatst, zonder dat dit gevolgen heeft voor de rest van het project. Er zijn twee typen speling denkbaar, te weten: startspeling en eindspeling, positieve speling en negatieve speling.

sprinter
Sprinters zijn beleggingsproducten waarmee u met een hefboom kunt beleggen in een breed scala van onderliggende waarden.

spiral dynamics
Theorie op basis van het werk van Clare Graves die stelt dat mensen als ze er door hun omstandigheden toe gedwongen worden in staat zijn zich aan te passen aan hun omgeving onder meer door de bouw van nieuwe, complexere modellen van de wereld die hen is staat stellen nieuwe problemen aan te pakken.

specialty product profit
Verdienmodel dat gericht is op maken van winst op basis van een specialiteit.

specialisation profit
Verdienmodel dat gericht is op maken van winst op basis van specialisatie.

specialist profit
Verdienmodel dat gericht is op maken van winst op basis van specialistische kennis.

special products
Verhandelbare effecten anders dan aandelen, obligaties, opties, financiële futures en agrarische termijncontracten. Voorbeelden van special products zijn covered warrants, discount rights en reversed convertibles.

speculatieve voorraad
Voorraad die uitsluitend wordt aangehouden omdat men prijsverhogingen verwacht

squeeze page
Een webpagina die is bedoeld om iemands naam en e-mailadres te verkrijgen.

stakeholder theory
Bedrijfsfilosofie die er van uitgaat dat een organisatie expliciet aandacht heeft voor de belangen van alle bij de organisatie betrokken enterne en externe partijen.

strategische beheersing
Analyseren en bijsturen op de mate waarin een organisatie er in slaagt haar doelen voor de lange termijn te behalen.

statische code-analyse
Analyse van broncode zonder dat de software wordt uitgevoerd.

strategisch personeelsmanagement
Alle activiteiten van de organisatie gericht op de ontwikkeling van het mensenlijk kapitaal van de organisatie in het belang van de realisatie van de doelstellingen van de organisatie op de lange termijn.

strategische alternatieven
Alternatieve mogelijkheden om strategische doelen te bereiken.