Zoek op

aanval

de aanval zelfst.naamw. (m.) Uitspraak:   [ˈanvɑl] Verbuigingen:   aanval|len (meerv.) 1) (gewelddadige) vijandelijke actie defensie Voorbeeld:   `de aanval op een stad door de vijand`in de aanval gaan  (beginnen aan te vallen; vooruit gaan)...
Gevonden op https://www.woorden.org/woord/aanval

AANVAL

1) Aandoening 2) Aanslag 3) Aantasting 4) Aanvechting 5) Agressie 6) Agressieve daad 7) Attaque 8) Beroerte 9) Bestorming 10) Bevlieging 11) Charge 12) Daad van agressie 13) Drift 14) Gevecht 15) Het aangrijpen 16) Het aanvallen 17) Iemand belegeren 18) Insult 19) Korte aandoening 20) Kortstondige aandoening 21) Militaire actie 22) Offensief 23) Op...
Gevonden op https://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/AANVAL/1

Aanval

Uit `De lagere vaktalen: Taal der Loodgieters, zinkbewerkers en gasfitters` 1914 regenbord: stuk hout onder aan de kepers genageld, om de helling aan den dakvoet te verminderen.
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/ginn001hand02_01/ginn001hand02_01_0009.php

aanval

een poging om door woorden of geweld van iemand te winnen vb: hij deed een aanval op stellingen van de vijand
aanval is de beste verdediging [je kunt beter zelf aanvallen dan afwachten]
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=aanval

aanval

•een poging de tegenpartij geweld aan te doen of van zijn positie te beroven.
Gevonden op https://nl.wiktionary.org/wiki/aanval

Aanval

Plotselinge verheviging van de aandoening of één of meer van de ziekte-verschijnselen (bijv. koortsaanval, pijn-aanval).
Gevonden op https://www.encyclo.nl/lokaal/11262
Geen exacte overeenkomst gevonden.