Zoek op

hospita

de hospita zelfst.naamw. (v.) Uitspraak:   ['hɔspita] Verbuigingen:   hospita|'s (meerv.) eigenares van het huis waarin je een kamer huurt Synoniem:   kotmadam © Kernerman Dictionaries. SpellingCorrect gespeld: 'hospita' komt voor in de Woorden...
Gevonden op https://www.woorden.org/woord/hospita

HOSPITA

1) Beroep 2) Gastvrouw 3) Huisjuffrouw 4) Juffrouw 5) Kamerverhuurster 6) Kostjuffrouw 7) Kostvrouw 8) Kotmadam 9) Ploertin 10) Vrouw bij wie men voor geld op kamers woont 11) Waardin
Gevonden op https://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/HOSPITA/1

hospita

kostjuffrouw
Jaar van herkomst: 1646 (WNT wen II )
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/sijs002chro01_01/colofon.php

hospita

vrouw bij wie je op kamers woont vb: mijn hospita vindt het niet goed dat ik op mijn kamer kook
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=hospita

hospita

•een persoon van het vrouwelijk geslacht die een of meer kamers in zijn of haar eigen woonhuis ter beschikking stelt aan een kostganger of commensaal.
Gevonden op https://nl.wiktionary.org/wiki/hospita
Geen exacte overeenkomst gevonden.