Zoek op

toehoorder

de toehoorder zelfst.naamw. (m.) Uitspraak:   ['tuhordər] Verbuigingen:   toehoorder|s (meerv.) de toehoor|ster zelfst.naamw. (v.) Uitspraak:   ['tuhor|stər] Verbuigingen:   toehoorster|s (meerv.) iemand die luistert naar wat iemand anders zegt
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/toehoorder

TOEHOORDER

1) Aanhoorder 2) Auditeur 3) Iemand die luistert 4) Luisteraar 5) Observator 6) Waarnemer
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/TOEHOORDER/1

toehoorder

iemand die toehoort; luisteraar Meestal in toepassing op iemand die naar een lezing, voordracht of muziekuitvoering luistert. Iemand die bv. naar de radio luistert, wordt doorgaans <i> luisteraar<-i> genoemd.
Gevonden op http://anw.inl.nl/article/toehoorder

toehoorder

iemand die ergens naar luistert vb: er waren wel 100 toehoorders bij zijn lezing
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=toehoorder
Geen exacte overeenkomst gevonden.