Zie ook:
ontlok

ontlokken werkw. Uitspraak: [ ɔntˈlɔkə(n) ] Afbreekpatroon: ont·lok·ken Vervoegingen: ontlokte (verl.tijd enkelv.) Vervoegingen: heeft ontlokt (volt.deelw.)
laten zeggen of doen wat niet de bedoeling was Voorbeelden: 'iemand een glimlach ontlokken' , 'De interviewer ontlokte de nieuwe trainer de namen van alle basisspelers.' Synoniem...
Gevonden op
https://woorden.org/woord/ontlokken

1) Doen uiten 2) Uitvragen
Gevonden op
https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Ontlokken/1

•teweegbrengen (typisch van iets dat inherent aanwezig is, maar dat men niet zomaar wil prijsgeven): "iemand een lach ontlokken".
Gevonden op
https://nl.wiktionary.org/wiki/ontlokken
Geen exacte overeenkomst gevonden.