
openbreken werkw. Uitspraak: [ 'opəmbrekə(n) ] Afbreekpatroon: open·bre·ken Vervoegingen: brak open (verl.tijd enkelv.)
1) openen door het kapot te maken Vervoegingen: heeft opengebroken (volt.deelw.) Voorbeelden: 'je spaarpot openbreken' , 'een deur openbreken'
2) (van bloemknoppen) open gaan Vervoegingen: is o...
Gevonden op
https://woorden.org/woord/openbreken

1) Losbreken 2) Binnendringen 3) Barsten 4) Kraken 5) Openleggen 6) Forceren 7) Opbreken
Gevonden op
https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Openbreken/1
Geen exacte overeenkomst gevonden.