de rit zelfst.naamw. (m.) Uitspraak: [ rɪt ] Verbuigingen: ritten (meerv.) korte reis te paard of met een rijdend vervoermiddel Voorbeelden: 'puzzelrit' , 'De tweede bergrit in de ronde van Frankrijk.' Synoniem: tocht de rit uitzitten (de termijn volmaken) Synoniemen: afstand dagreis etappe excursie expeditie gang mars reis rondreis rondr... Gevonden op https://woorden.org/woord/rit
1) Allengs langzamer wordend (Afk.) 2) Allengs langzamer wordend 3) Excursie 4) Expeditie 5) Trip 6) Trektocht 7) Mars 8) Wat je kan maken met een taxi 9) Gang 10) Rijtoer 11) Rijtocht 12) Gang van een mol 13) Etappe 14) Afstand 15) Mollenloopgraaf 16) Een tochtje te paard 17) Uitje 18) Tocht 19) Uitstapje Gevonden op https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Rit/1
Verplaatsing of een onderdeel van een verplaatsing die met één vervoerwijze plaatsvindt. Bijvoorbeeld een verplaatsing van huis naar het werk met achtereenvolgens de fiets naar het station, de trein en te voet naar kantoor bestaat uit drie ritten. Gevonden op https://cbs.nl/nl-nl/onze-diensten/methoden/begrippen/rit
deel van een route tussen twee rustplaatsen vb: de eerste rit van de Tour de France vertrekt uit Eindhoven Synoniem: etappe tocht met een vervoermiddel of een rijdier vb: we maakten een prachtige rit in die sportwagen door de duinen de rit uitzitten [een regeringsperiode volmaken] Gevonden op https://mowb.muiswerken.nl/