Zoek op

gloren

gloren werkw. zacht gloeien, glinsteren, een zacht schijnsel geven (vooral van de dageraad)    Voorbeeld: `Aan de verre horizon gloort de dageraad. `   Voorbeeld: `Op de bovenste verdieping gloort het licht van een peertje. `aanbreken    Voorbeeld: `Bij het gloren v...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/gloren

GLOREN

1) Blinken 2) Dag worden 3) Dagen 4) Een zacht schijnsel geven 5) Glanzen 6) Glimmen 7) Gloeien 8) Lichten 9) Schitteren 10) Zacht glanzen 11) Zacht gloeien 12) Zacht schijnsel geven 13) Zacht stralen
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/GLOREN/1

Gloren

Let op: Spelling (deels) uit 1864: ow. [gelijkvloeiend] (ik gloorde, heb gegloord), glimmen; [figuurlijk] beginnen te glanzen; de ochtend (dageraad) gloort.
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/cali003nieu01/cali003nieu01_0010.htm

gloren

lichten
Jaar van herkomst: 1611-1620 (WNT vermiljoen )
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/sijs002chro01_01/colofon.php

gloren

glimmen, lichten (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/gloren
Geen exacte overeenkomst gevonden.