
tegenspreken werkw. Uitspraak: [ ˈtexə(n)sprekə(n) ] Afbreekpatroon: te·gen·spre·ken Vervoegingen: sprak tegen (verl.tijd enkelv.) Vervoegingen: heeft tegengesproken (volt.deelw.)
1) zich met woorden ergens tegen verzetten Voorbeeld: 'Spreek me niet tegen!'
2) zeggen dat iets niet waar of juist is Voorbeeld: '...
Gevonden op
https://woorden.org/woord/tegenspreken

1) Betwisten 2) In strijd zijn met 3) Protesteren 4) Ontkennen 5) Dementeren 6) Loochenen 7) Opponeren 8) Bestrijden 9) Tegenpraten 10) Weerleggen 11) Tegenwerpingen maken 12) Tegenwerpen 13) Tegensputteren 14) Wederzeggen 15) Weerspreken
Gevonden op
https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Tegenspreken/1
zeggen dat het niet zo is vb: ik kan dat verhaal niet tegenspreken
Synoniemen: ontkennen loochenen
Tegenstellingen: beweren stellen
iets zeggen waaruit blijkt dat je het niet met hem eens bent vb: hij houdt er niet van als iemand hem tegenspreekt
niet met elkaar kloppen vb: deze feiten spreken elkaar tegen
Gevonden op
https://mowb.muiswerken.nl/

•zich met woorden verzetten.
Gevonden op
https://nl.wiktionary.org/wiki/tegenspreken
Geen exacte overeenkomst gevonden.