Zoek op

jubelen

jubelen werkw.Uitspraak:   [ˈjybələ(n)] Verbuigingen:   jubelde (verl.tijd enkelv.) Verbuigingen:   heeft gejubeld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen hoorbaar laten merken dat je blij bent Voorbeeld:   `Ik heb de baan! Jubelend vertelde ze hoe...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/jubelen

JUBELEN

1) Joelen 2) Juichen
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/JUBELEN/1

jubelen

•juichen.
Gevonden op http://nl.wiktionary.org/wiki/jubelen

jubelen

juichen (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/jubelen

jubelen

kreten van blijdschap of vreugde slaken vb: zij stond te jubelen toen ze zoveel cadeaus kreeg
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=jubelen
Geen exacte overeenkomst gevonden.