Zoek op

pluizen

pluizen werkw. in vlokken uiteentrekken    Voorbeeld: `Fransje Goldeweijn keek over haar altijd nijvere bezige handen, welke onafgebroken pluksel plozen, met haar bedriegelijk helder, half blinde oog, haar bezoekster aan.<ref>De klop op de deur<br>Ina Boudier-Bakker</ref&g...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/pluizen

PLUIZEN

1) Met lange tanden eten 2) Peuteren 3) Plukken 4) Rafelen 5) Tezen 6) Uitrafelen 7) Uittrekken 8) Vlokken
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/PLUIZEN/1

Pluizen

Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] [ongelijkvloeiend] (ik pluisde of ploos, heb gepluisd of geplozen), uit-, afhalen (vezelen, draden, vederen), uitrafelen; [figuurlijk] peuzelen; langzaam voorteten; afeten; naauwkeurig navorschen.
*...ZER, m. die pluist. -IJ, v. (-en), het pluizen, plukken.
*....
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/cali003nieu01/cali003nieu01_0019.htm

pluizen

(pluizen, uitpluizen) oude stukken touw tot pluis maken
Gevonden op http://www.debinnenvaart.nl/binnenvaarttaal/woord.php?woord=pk

pluizen

pluizen uit elkaar trekken (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/pluizen
Geen exacte overeenkomst gevonden.